|
Het zwaarst verdedigde gedeelte van het V.B. Hoek van Holland kwam op het eiland De Beer aan de zuidzijde van de Nieuwe Waterweg te liggen. Hier bouwde men het Kernwerk, een hoge concentratie gevechts-, munitie- en manschappenbunkers op een relatief klein terrein. Dit Kernwerk werd omsloten door een betonnen anti-tankmuur. Verder bouwde men twee zware batterijen kustartillerie op de eiland. De batterij Brandenburg bestaande uit drie geschutsbunkers met 24 cm geschut, munitie- en manschappenbunkers en de batterij Rozenburg, bestaande uit drie geschutsbunkers met 28 cm geschut, munitie- en manschappenbunkers. De batterij Rozenburg was uitgerust met de zwaarste kanonnen van Nederland.
Deze kanons waren afkomstig van de Duitse slagkruiser Gneisenau. Dit schip beschikte over drie geschutstorens elk met drie kanons van 28 cm. Zij zou zwaardere kanons krijgen. Twee torens met elk drie kanons werden compleet in de rotsen aan de kust van Noorwegen geplaatst, bij Oerlandet en Fjell. Op de Beer kon dit niet omdat een geschutstoren te zwaar was voor de zachte bodem. Men maakte de drie kanons los uit de toren en bouwde ze op drie afzonderlijke geschutsbunkers. Met de zware kanons van de batterij Rozenburg kon men brisant- en pantsergranaten afvuren van 330 kg per stuk. Het bereik van de kanons was 43 kilometer. Hoofdtaak van de batterij was het beschieten van vijandelijke slagschepen welke een invasie zouden ondersteunen. In het fort ziet men nog het sluitstuk, tromp van de loop, pompstok, laadgoot en pantsergranaat met kardoes. |
|